|
|
|
9 december 2009 door Tom Jacobs
|
|
|
Regerend kampioen Hellas heeft het dit seizoen
niet onder de markt, bovendien had Den Haag af te rekenen met het
vertrek van enkele spelbepalende spelers. Kwalificatie in de Final
Four is ondertussen ver af, maar kersvers trainer Ton van Linder
gelooft in een sterke terugronde. Als het even kan wil het
67-jarige handbalbeest (voormalig Nederlands heren en damescoach,
coach van Hypobank Sudstadt, medewerker van IHF en EHF...) met
Hellas een mooi afscheidsjublieum vieren. Beneliga-handbal had een
uitgebreid gesprek met Ton.
Het is al even geleden dat we je nog aan
het werk zagen als trainer/coach. Van waar kwam die beslissing?
Eigenlijk had ik me al voorgenomen om mijn handbalactiviteiten af
te bouwen, maar de omstandigheden hebben er anders over beslist!
Zo klinkt het natuurlijk heel envoudig maar dat was het niet. In
september heb ik afscheid genomen van mijn functie binnen het EHF.
Via mijn schoonzoon Mark (noot: Mark Barendse is getrouwd met
voormalig international Marieke van Linder) kwam dan de vraag van
het Hellasbestuur of ik die taak niet op me wilde nemen bij de
Herenselectie. Daar heb ik toch best even over moeten nadenken
vooraleer ik heb toegezegd. Ik heb echt geen trek in oplapwerk, ik
wil gedegen te werk gaan. Gesteund door de juiste mensen, daarom
is het ook goed dat Mark achter de coulissen nauw betrokken
blijft. Heel wat beslissingen over het team zal ik dan ook in
overleg nemen.
Hoe begin je aan zo'n opdracht, want een
zee van tijd is er nou niet bepaald?
De situatie is natuurlijk ver van ideaal. Drastische veranderingen
tijdens het seizoen zijn nooit goed, maar in de praktijk dienen
zich vaak onvoorziene dingen aan. Na het vertrek van René en het
driemanschap is dit eigenlijk de tweede grote verandering. Aan de
andere kant is het een heel mooie uitdaging. Ze zijn kampioen
geworden en uiteraard zijn er belangrijke spelers weggegaan, maar
ze hebben ook kwaliteiten. Ik kan niet toveren, maar ik wil zo
snel mogelijk het team goed leren kennen, heb veel video's gezien
om met de juiste basis te beginnen. Ook de tegenstanders zijn voor
mij nieuw, want ik volgde het Nederlandse handbal niet meer van
nabij... Eigenlijk zeggen de statistieken al heel veel over dit
Hellas in vergelijking met de Nederlandse toppers. Aanvallend
kunnen ze nog aardig mee, maar verdedigend moet het gewoon veel
beter. Daar gaan we dus op hameren. Als ik Hellas terug op de
goede weg kan helpen om die curve van vorig jaar verder te zetten
ben ik tevreden. Dat was ook mijn voorwaarde, ik blijf tot de
zomer, dan is het gedaan. Met een goede ingesteldheid weet ik dat
we de play-offs nog kunnen halen. Dat zou helemaal mooi zijn.
Trainer zijn is vaak geen pretje: je bent
makkelijk de kop van jut, je hebt relatief weinig controle en veel
druk. Waarom ben je er dan toch weer aan begonnen?
Weet je straks is het 50 jaar dat ik in het trainersvak zit.
Gelijk toen ik begon met handballen, ben ik ook gaan coachen
namelijk. Zo ging dat toen, mijn club zei: Ton je studeert voor
onderwijzer, daar geef je ook gymles dan kan je net zo goed de
meiden trainen! Nog één keer een topclub naar mooie prestaties
leiden, leek me wel een gepast afscheid. Bovendien kriebelt het
ook omdat ik voor het EHF en het IHF veel ben bezig geweest met
opleiding, met name in ontwikkelingslanden. Ik heb dus veel tijd
gehad om te studeren en de laatste ontwikkelingen in het handbal
te volgen. Op zich erg boeiend, want de laatste tien jaar is er
waarschijnlijk zo veel veranderd in het handbal als in die
decennia daarvoor samen! Dan is het spannend om te zien of ik die
inzichten ook in de praktijk kan brengen. Naar mijn gevoel wordt
er in Nederland nog erg conservatief gewerkt wat betreft
trainingsleer. Helemaal zeker weet ik het niet, maar wellicht is
dat ook in België nog het geval.
Je hebt ook met het erg succesvolle
Hypobank Sudstadt damesteam gewerkt, is dit jouw mooiste
herinnering?
Het was in ieder geval een hoogtepunt ja. Na afloop van een
geslaagd EK werd ik gevraagd om naar Oostenrijk te gaan. Mijn
insteek was niet om in Wenen carrière te maken, wel om veel bij
te leren. Dat is ook uitstekend gelukt want ik heb er met
handbalsters vanuit heel Europa kunnen werken in een erg
professionele structuur. Ik heb er veel opgestoken uit de interne
keuken van zo'n topclub en dat zijn nuttige ervaringen gebleken.
Dat seizoen liep het voor Hypobank ook uitstekend in de Europa
Cup, die hebben ze trouwens gewonnen dat seizoen (1990). Helaas
was ik er zelf toen niet meer bij want ik was net teruggekeerd
naar het NHV.
Wat zijn de voornaamste verschillen tussen
het werk met een dames- en herenselectie?
Qua aanpak zijn de verschillen groot. Veel coaches zeggen dat het
lastiger werken is met dames. Daar ben ik het niet zomaar mee
eens. Als coach van een damesselectie moet je ook een goede
relatie hebben met de groep. Is dit het geval dan krijg je heel
veel terug. Dan zijn ze meer gedreven dan heren. Wat betreft
onderlinge problemen ben je wel verplicht sneller in te grijpen.
Om de groepsgeest te bewaren, is het beter dat één speelster
wijkt in plaats van een negatieve sfeer te crëeren voor anderen.
Mannen schijn dat niet zo'n probleem te vinden. Dat zijn in feite
grotere individualisten en die zijn zakelijker ingesteld. Zelfs
als heren het niet goed kunnen vinden met bepaalde spelers, of de
trainer, belet hen dat niet om daar goed mee om te gaan in de
wedstrijd. Mijn conclusie; als de verstandhouding goed zit is het
makkelijker en prettiger werken met een damesselectie.
Voor het NHV lijkt het wel of het
herenhandbal vaak op het tweede plan komt, terwijl er meer
aandacht en middelen zijn voor het dameshandbal?
Ik denk niet dat het gaat over bewust achterstellen of zo. Dat is
eerder gebaseerd op een feitelijke analyse. De kansen dat er
internationaal kan gescoord worden met het nationale damesteam
zijn veel groter dan mogelijk succes met de heren. In die optiek
kiest men opportunistisch voor een voortrekkersrol van de dames
voor het handbal in Nederland. Net zoals Denemarken en Noorwegen
bijvoorbeeld. Dat is een begrijpelijke keuze. Beneliga handbal is
een goede ontwikkeling voor de heren in België en Nederland. Toch
blijft het een moeilijk evenwicht. Je moet de juiste doelen en
motivatie kiezen om iedereen mee te krijgen. Zolang de Beneliga
geen recht geeft op Europese tickets of een enorme prijzenpot,
vrees ik dat het een beetje vrijblijvend is voor sommigen. Dat
probleem speelt ook elders hoor. Zo hebben ze het vroeger nog
geprobeerd met een Donau competitie, ook de Balkan-landen willen
zo'n organisatie. Bovendien is er ook tegenkanting tegen het
uithollen van de eigen competitie. Kijk maar naar de Limburgse
fusieplannen in Nederland, dan wordt de spoeling wat betreft
topclubs nog dunner.
|
|
|
Handbalstartpunt
|
|
|
|