MINDER DAN ZES EURO PER UUR; PLUS ZEVENTIG EURO WASGELD
In een aantal buitenlandse competities staan veel clubs onder behoorlijke financiële druk. In Frankrijk haakte twee jaar geleden Neptunes Nantes af, in Noorwegen ging eerder al bij Kristiansand en recentelijk nog Romerike Ravens het licht uit. Ook Kolstad verkeerde in zwaar weer, moest noodgedwongen spelers in de verkoop doen om de begroting sluitend te houden. Ruim tien jaar geleden moest CL-winnaar HSV Hamburg terug richting de derde liga, krabbelde weer op maar lijkt opnieuw debet en credit op de begroting niet conform de voorwaarden in evenwicht te hebben. In de tweede Bundesliga bij de mannen wist het financieel geplaagde Nordhorn-Lingen ternauwernood de licentie voor komend seizoen veilig te stellen.
Maar er is meer aan de hand. Bij de vrouwen is er de laatste jaren een acuut tekort aan financiële middelen, zo tekent DER SPIEGEL op. Alarm dus: sommige speelsters verdienen zelfs niet eens het wettelijke minimumloon. En dat alles nadat de nationale vrouwenploeg bij het laatste WK in eigen land en Nederland als ‘Vize-Meister’ van het veld stapte na de verloren finale tegen Noorwegen. Achter die titel gaat blijkbaar heel wat ellende schuil. “Ik denk dat we nu aan een hele mooie toekomst kunnen gaan denken,” jubelde Emily Vogel nog in december. “Een boost voor het vrouwenhandbal,” gaf sportbestuurder van de Duitse Handbal Bond (DHB), Ingo Merkes als toevoeging aan. Negen maanden later lijkt alle euforie vervlogen.
PRECAIR SEIZOEN
Afgelopen zondag werd het 52e seizoen in de Bundesliga bij de vrouwen geopend met de Super Cup tussen kampioen Blomberg-Lippe en bekerwinnaar Dortmund. Een uiterst precair seizoen staat iedereen te wachten, geplande ontwikkelingen werden in de ijskast gezet. “De liga moet verder geprofessionaliseerd worden,” klonk het uit verschillende hoeken. Maar hoe? En door wie? En hoe lang? Veel vragen, geen antwoorden. Immers, het budget van de vrouwen in Bundesliga bedraagt ongeveer een tiende van het budget in de mannencompetitie HBL. Er wordt achter de schermen voorzichtig gewerkt aan een aantal opties waarbij de overkoepelende organisatie van de HBL die actueel een enorme ‘boost’ krijgt, ook de HBF organiseren en commercieel uitdragen. Voor de zomer van 2029 is er nauwelijks een verandering in zicht. Door de economische voorwaarden in het vrouwenhandbal vertrekken veel jonge talenten maar ook routiniers zoals Emily Vogel en Xenia Smits uit de Bundesliga naar het buitenland. Ook youngster Nienke Kühne van kampioen Blomberg-Lippe gaat vanaf de zomer van 2027 verder in het shirt van Odense.
MINI-JOBS
Volgens informatie van DER SPIEGEL zijn alleen de salarissen bij Dortmund en Thüringer op niveau. Bij veel clubs moeten speelsters een soort mini-job krijgen om grotendeels zelf in hun onderhoud te kunnen voorzien waarbij ze ook nog eens onder het wettelijk minimumloon worden betaald. Als voorbeeld haalt BILD de situatie bij de nummer acht, Sachsen-Zwickau en ploeg van Romee Steverink, aan waar drie selectiespeelsters minder dan 1000 euro per maand verdienen, twee van hen een mini-job hebben (603 euro) en dat alles bij een totale werktijd van rond de 100 uur per maand. Omgerekend: zes euro per uur. Nog niet eens de helft van het wettelijk minimumloon van 12,82 euro (2025) / 13,90 euro (2026). Niets meer en niets minder dan een overtreding door sportclubs van de bestaande regels.
"Bij een arbeidsovereenkomst is de doorslaggevende factor of de werknemer daadwerkelijk verplicht is werk te verrichten onder gezag van een leidinggevende. En dat is iets wat relatief eenvoudig te controleren valt." In het geval van BSV zijn de contracten – waarvan DER SPIEGEL er enkele heeft ingezien – ondubbelzinnig. Ze bepalen dat spelers aanwezig moeten zijn bij alle trainingskampen, wedstrijden, trainingen en teambesprekingen, evenals bij evenementen met sponsors. De magere salarissen in Zwickau werden aangevuld met een maandelijkse wasvergoeding (€ 74). Ook kwam het voor dat sponsors extra betalingen aan spelers deden. Daarnaast zijn er forfaitaire vergoedingen voor trainers, die tot een jaarlijks totaal van € 3.300 vrijgesteld zijn van belasting en sociale premies. Het is een publiek geheim in de sportwereld dat de meeste spelers niet – en nooit – daadwerkelijk als trainer werken; bijgevolg zouden deze bedragen eigenlijk belast moeten worden. Rechtszaken worden niet of nauwelijks aangespannen.
PUBLIEKE MIDDELEN
In het geval van BSV Sachsen Zwickau zijn dergelijke rechtszaken echter niet uit te sluiten, zo blijkt uit informatie. De daaruit voortvloeiende berichtgeving zou uiterst gevoelig liggen, aangezien BSV het overgrote deel van zijn budget uit publieke middelen haalt. Alleen al de subsidies van de stad Zwickau en de regionale sportbond – bestemd voor de Zwickau-arena en de trainer – bedroegen volgens de begroting voor 2025/26 jaarlijks ongeveer 300.000 euro. Daarbij komen nog betalingen van andere gemeentelijke of regionale sponsors, zoals energiebedrijf ZEV en de lokale spaarbank.
De club uit de vrouwen-Bundesliga wordt door de stad Zwickau gezien als een belangrijke promotor van het stadsimago. En wat zegt burgemeester Constance Arndt – die ook zitting heeft in de adviesraad van BSV – over de dubieuze 'minijob'-contracten? Slechts dit: “Ik was niet betrokken bij contractonderhandelingen of het opstellen van contracten". Zij kon echter wel opheldering verschaffen over het feit dat het salaris van BSV-trainer en -directeur Norman Rentsch in dat seizoen met 18.000 euro door de stad Zwickau werd gesubsidieerd. Dit is een van de redenen waarom Rentsch tot de grootverdieners in de vrouwencompetitie in de Bundesliga (HBF) behoort. In het seizoen 2024/25 verdiende hij een bruto maandsalaris van meer dan 6.000 euro; meer dan welke BSV-speelster dan ook, en tien keer zoveel als de 'minijobbers' in zijn team ontvingen.
Chrome
Firefox
Internet explorer
Safari




